De lidstaten hadden kort na de Russische inval in 2022 beslist om de richtlijn over tijdelijke bescherming te activeren. Zo moesten de Oekraïense vluchtelingen de traditionele asielprocedure niet doorlopen en kregen ze meteen verblijfsrecht en toegang tot huisvesting, sociale bijstand, gezondheidszorg, de arbeidsmarkt en onderwijs. Vandaag genieten zowat 4,3 miljoen Oekraïners van tijdelijke bescherming in de EU, in België gaat het om meer dan 93.000 mensen.
De bijzondere vorm van bescherming is al meermaals verlengd, en de Commissie stelt nu voor om dat nog eens te doen, tot 4 maart 2027. Ze stelt daarvoor 4 miljard euro extra middelen ter beschikking voor de lidstaten, bovenop de 15 miljard die al werden vrijgemaakt.
Tegelijkertijd kijkt ze verder naar de toekomst, met een plan voor een “gecoördineerde beëindiging van de tijdelijke bescherming” om “een stabieler en duurzamer perspectief” te bieden. Enerzijds wil ze dat de lidstaten de transitie naar andere legale statuten promoten en faciliteren voor Oekraïners die in de EU willen blijven, bijvoorbeeld met verblijfsvergunningen of een langdurig verblijfsstatuut.
Anderzijds wil ze een pad voorwaarts creëren voor een geleidelijke terugkeer en duurzame re-integratie in Oekraïne. Zo stelt ze voor om verkennende bezoeken toe te laten voor vluchtelingen die willen terugkeren, en om vrijwillige terugkeerprogramma’s op te zetten in nauwe coördinatie met de Oekraïense autoriteiten. Om de betrokkenen goed te informeren over alle opties, wil ze ook informatiecentra opzetten in EU-lidstaten, en ze wil een speciaal gezant voor Oekraïners in de EU aanduiden om de lidstaten bij te staan.
De redactionele verantwoordelijkheid van deze publicatie ligt bij Belga.
