BRUSSEL (ANP) – Dat moet vooral in Europa worden gekocht. Alleen als het benodigde materiaal niet in Europa te koop is of niet op tijd kan worden geleverd, kan het buiten Europa worden aangeschaft.
30 miljard euro van de lening is bedoeld als begrotingssteun. Het moet Oekraïne helpen bij hervormingen die nodig zijn voor toetreding tot de EU en modernisering van het land, zei Von der Leyen op een persconferentie. “Dit omvat de inzet van Oekraïne voor sterke democratische processen, de rechtsstaat en anticorruptiemaatregelen.” Deze voorwaarden zijn niet onderhandelbaar, benadrukte ze.
“Met deze steun zorgen we ervoor dat Oekraïne zijn verdediging op het slagveld kan versterken en zijn defensiecapaciteiten kan verbeteren”, zei Von der Leyen. Met de lening wordt volgens haar aan alle militaire behoeften van Oekraïne voldaan en kunnen de basisvoorzieningen draaiende worden gehouden.
Nederland is een van de landen die wilde dat Oekraïne ook defensiematerieel buiten Europa kan kopen, als dat niet anders kan. Onder meer Frankrijk was daar fel tegen. Het voorstel van de Commissie is een typisch EU-compromis.
De lidstaten en het Europees Parlement moeten nog instemmen met het bestedingsvoorstel. De regeringsleiders gingen eind december akkoord met de lening aan Oekraïne. De voorwaarden zijn nu uitgewerkt.
Het aanvankelijke voorstel van de Commissie om de bevroren Russische tegoeden als onderpand te gebruiken voor een lening aan Oekraïne blijft op tafel liggen, benadrukte Von der Leyen. Hiermee geeft de EU een “duidelijke waarschuwing dat we het recht behouden om de bevroren Russische activa te gebruiken”, zei ze.
De Europese Commissie leent de 90 miljard euro op de kapitaalmarkt en sluist het daarna door naar Oekraïne. De ruimte in de EU-begroting geldt als garantie. Oekraïne hoeft de lening pas terug te betalen als Rusland betaalt voor de schade die het in Oekraïne heeft aangericht.
Von der Leyen hoopt op snelle instemming door de lidstaten en het Europees Parlement, zodat Oekraïne in april het eerste deel van de lening kan gebruiken.
(14 januari 2026)
De redactionele verantwoordelijkheid van deze publicatie ligt bij ANP.
