da flag go to the original language article
This article has been translated by Artificial Intelligence (AI). The news agency is not responsible for the content of the translated article. The original was published by Ritzau.

Na 26 jaar onderhandelen moesten de EU-landen in december opnieuw erkennen dat zij intern nog steeds verdeeld waren over het sluiten van een handelsakkoord met de Zuid-Amerikaanse Mercosur-landen.

Maar nu zou er misschien een doorbraak op komst kunnen zijn.

Woensdag is de minister van voedsel, landbouw en visserij, Jacob Jensen (V), in Brussel.

Daar zal hij het handelsakkoord en de omvangrijke landbouwprotesten van voor Kerstmis bespreken.

“Vanuit Deense zijde dringen wij er sterk op aan om het handelsakkoord met de Mercosur-landen in de nabije toekomst goedgekeurd te krijgen”, zegt Jacob Jensen.

In de eindsprint zijn er echter hevige protesten geweest van de landbouw in sommige EU-landen.

In december blokkeerden boeren bijvoorbeeld Brussel met tractoren en vuurden zij vanaf de vroege ochtend zware knalvuurwerken af.

Dat moet meerdere van de Europese staats- en regeringsleiders hebben wakker geschud, die waren aangekomen voor de EU-top van december in de Belgische hoofdstad, waar zij echter geen besluit namen.

Maar nu is er een voorzichtige hoop dat de EU-landen deze week tot overeenstemming kunnen komen.

De Mercosur-landen zijn Argentinië, Brazilië, Paraguay en Uruguay, die zijn verenigd in het regionale handelsblok Mercosur.

Als het lukt een handelsakkoord tussen de EU en Mercosur te sluiten, zal dat een gezamenlijke markt van 700 miljoen consumenten creëren.

Dat zal een groot voordeel zijn voor landen met een efficiënte landbouw zoals Denemarken.

In andere EU-landen zoals Frankrijk en Polen is er echter bezorgdheid dat de landbouw zal worden blootgesteld aan concurrentie uit Zuid-Amerika.

Jacob Jensen hoopt echter dat de Europese Commissie met een nieuw voorstel vooral in Italië de gemoederen kan bedaren, dat dankzij de bijzondere EU-regels over gekwalificeerde meerderheid de beslissende stem heeft.

“Wat de Europese Commissie probeert voor te stellen, is niet meer geld voor de landbouw, maar een vervroeging van geld. In plaats van dat de landbouw het geld pas in 2033 krijgt, moet het worden vervroegd naar 2028”.

“Men hoopt dat dit enkele van de sceptische landen, zoals bijvoorbeeld Italië, ertoe zal brengen het akkoord goed te keuren”, zegt Jacob Jensen.

Als dat gebeurt, kan de voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, misschien al volgende week naar Paraguay reizen om het akkoord te ondertekenen.

Het was de bedoeling dat zij die reis op 20 december had moeten maken.

Maar hier was het uiteindelijk juist Italië dat zich achter de wens van Frankrijk en Polen schaarde om het akkoord uit te stellen om meer steun voor de landbouw te onderhandelen.

Als Italië ja zegt tegen het akkoord, wordt niet langer verwacht dat er voldoende landen tegen het akkoord zijn om het te kunnen tegenhouden. Ook niet als Frankrijk en Polen hun nee handhaven.

Jacob Jensen is nog steeds bezig het voorstel van de Europese Commissie om de landbouwmiddelen te vervroegen grondig te bestuderen. Maar op het eerste gezicht kan Denemarken wel groen licht geven:

“Vanuit Deense zijde zien wij de discussie over vervroegd geld niet als doorslaggevend. Het gaat veel meer om hoe wij het geld investeren. Dat wij het verstandig investeren in nieuwe technologieën en innovatie en onze regels vereenvoudigen”, zegt Jacob Jensen.

Tegelijkertijd zal het handelsakkoord een groot voordeel zijn voor Denemarken, meent de landbouwminister.

“De EU had in 2024 een handelsoverschot van meer dan 60 miljard euro op het gebied van levensmiddelen. Dus zowel de EU als Denemarken hebben een enorme interesse in vrijhandelsakkoorden met omliggende regio’s en landen. Niet in het minst in een tijd waarin anderen tariefmuren opbouwen en er geopolitieke onrust is”, zegt Jacob Jensen zonder direct de VS en de president van het land, Donald Trump, te noemen.

Vrijdag van deze week wordt verwacht dat de vaste vertegenwoordigers van de EU-landen zullen duidelijk maken of er nu een gekwalificeerde meerderheid is om het akkoord te sluiten.