Brussel – De missie krijgt de naam Aspides mee, wat oud-Grieks is voor ‘schild’. De officiële lancering betekent niet dat ze onmiddellijk uit de startblokken schiet. Het is aan het opperbevel om uit te maken wanneer er voldoende middelen voorhanden zijn om volledig operationeel te zijn. Dat zou volgens diplomatieke kringen “enkele weken” kunnen duren.

Verschillende landen hebben al aangegeven dat ze willen deelnemen, waaronder België, Italië, Duitsland en Frankrijk. België zal het fregat Louise-Marie sturen. Volgens Belgische militaire bronnen zal het schip op 27 maart afvaren voor een missie die het eerst naar de Middellandse Zee brengt, om daarna deel te nemen aan de operatie Agenor in de Straat van Hormuz. Zowel in de heen- als de terugvaart passeert de Louise-Marie dan onvermijdelijk langs de Rode Zee. Frankrijk is bereid een fregat aan te leveren dat al in de Rode Zee aanwezig is.

De lidstaten raakten het in januari al principieel eens over een beschermingsmissie in de Rode Zee. Het gaat om een puur defensieve missie. Griekenland zal het algemene bevel voeren en Italië wordt bevoegd voor het operationele bevel. Ze zal mogen schieten om de handelsschepen of zichzelf te verdedigen, maar mag geen doelwitten aan land in het vizier nemen tegen posities van de Houthi-rebellen in Jemen. Het is immers van belang niet bij te dragen aan de escalatie van het conflict in de regio, is de redenering.

Sinds halfweg november nemen de aanvallen toe van de Houthi tegen schepen die ze in verband brengen met Israël. De rebellen, die door Iran worden gesteund, beweren dat te doen “uit solidariteit” met de Palestijnen in Gaza. Verschillende reders beslisten daarom de Rode Zee en de Golf van Aden links te laten liggen en een omweg te nemen. Zowat 12 procent van de wereldhandel passeert daar.

De Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk lanceerden in december ook een operatie in de Rode Zee. Zij voeren wel aanvallen uit op de stellingen van de Houthi.

19/01/2024

Europese Unie wil sanctieregime naar Navalny vernoemen

Brussel – Op de vergadering van de Europese ministers van Buitenlandse Zaken zal Josep Borrell, de hoge vertegenwoordiger voor het buitenlands en defensiebeleid van de Unie, zijn collega’s maandag voorstellen om het sanctieregime dat de EU voor mensenrechtenschendingen hanteert naar Aleksej Navalny te vernoemen. De Russische opposant stierf vrijdag in het Siberische gevangenenkamp waar hij opgesloten zat.

Eind 2020 heeft de EU zichzelf een wereldwijde sanctieregeling voor de mensenrechten aangemeten. Die maakt sancties mogelijk tegen personen, entiteiten en (overheids)organen die betrokken zijn bij mensenrechtenschendingen, of er zelf rechtstreeks verantwoordelijk voor worden geacht.

Door die regeling naar Navalny te vernoemen, wil de EU aan hem haar eer betuigen, zei Borrell maandag bij zijn aankomst in Brussel. Op de vergadering van de Europese buitenlandministers zal Joelia Navalnaya aanwezig zijn, de weduwe van Navalny. Zij heeft ook een ontmoeting met Europees president Charles Michel.

De ministers gaan voorstellen om maatregelen te treffen tegen de verantwoordelijken van de dood van Navalny, ook al “is Poetin zelf de verantwoordelijke”, zei Borrell. De Russische president staat al sinds de start van de Russische inval in Oekraïne op de Europese sanctielijst.

 “We gaan een politieke steunboodschap aan de Russische politieke oppositie sturen, tegen het regime van Poetin”, verwees Borrell naar de manifestaties die afgelopen weekend in Moskou en Sint-Petersburg plaatsvonden.

19/01/2024

Europese wetgeving over platformwerk blijft op verzet stuiten

Brussel – Voor de tweede keer heeft een akkoord dat het Europees Parlement en de Raad van de EU gesloten hebben over een richtlijn die platformwerkers betere arbeidsomstandigheden moet geven, geen meerderheid gehaald onder de lidstaten. Raadsvoorzitter België bekijkt nu welke stappen er nog ondernomen kunnen worden.

 De richtlijn is bedoeld voor de miljoenen mensen die werken voor digitale platforms als Uber, Deliveroo of Bolt. De Europese Unie wil de schijnzelfstandigheid in de sector aanpakken en verzekeren dat platformwerkers een correct statuut hebben. Onderhandelaars van het Parlement en van de Raad sloten in december een akkoord, maar dat werd vervolgens verworpen door de lidstaten.

Onder Belgisch voorzitterschap sloot de Raad vorige week een tweede, nieuw akkoord met het Parlement, maar ook die tekst heeft de lidstaten niet kunnen overtuigen, zo bleek vrijdag tijdens de stemming. Omdat Frankrijk tegenstemde en Duitsland, Griekenland en Estland zich onthielden, werd de noodzakelijke gekwalificeerde meerderheid niet gehaald.

België bekijkt nu welke stappen nog genomen kunnen worden. Veel tijd om een nieuw akkoord te vinden én goedgekeurd te krijgen, is er niet, want de legislatuur loopt stilaan op haar einde.

Een sleutelelement in het akkoord was dat de veronderstelling of een platformwerker als zelfstandige, dan wel als werknemer beschouwd moet worden, deels op nationaal niveau geregeld zou worden. Maar ondanks de aanpassingen die op initiatief van Belgisch minister van Werk Pierre-Yves Dermagne werden doorgevoerd, was Frankrijk niet overtuigd. Volgens een Franse diplomatieke bron zou een gebrek aan harmonisatie net juridische onzekerheid creëren.

 Het akkoord voorzag ook een beter management van de algoritmes die in de sector van het platformwerk worden gebruikt. Dat zou een mondiale primeur geweest zijn.

16/02/2024

Deze compilatie is een redactionele selectie gebaseerd op de Europese berichtgeving van Belga. Deze wordt minstens tweemaal per week gepubliceerd, op maandag en donderdag.